Haaien spelen een cruciale rol in de gezondheid van onze oceanen

Informatie, Nieuws, Onderzoek

Het Verhaal van de Haaien

Megalodontand met twee tanden van de’moderne’ grote witte haai (Wiki Commons)

Tekst: Dorien Schröder, Dutch Shark Society

Onlangs werd er een rapport gepubliceerd dat aantoonde dat de structuren die fossiele haaienkieuwen ondersteunen meer lijken op die van de moderne beenvissen dan die van de hedendaagse haaien. Hieruit blijkt dat haaien, in tegenstelling tot wat eerder altijd werd aangenomen, evolutionair ontwikkeld zijn. De algemene mening was altijd dat de interne kaakstructuren van moderne haaien heel erg lijken op die van primitieve, haaiachtige vissen. Het lijkt er nu dat de literatuur herzien moet worden: de moderne haaien zijn zeer gespecialiseerd, en niet primitief. Dus waar komen ze eigenlijk vandaan?

Het volgen van de evolutie van haaien is heel erg moeilijk, omdat hun kraakbeenskelet niet erg goed in een fossiel overgaat. Schubben, stekels en wervels blijven soms bewaard, maar de best bewaarde fossiele delen van de haaien zijn hun tanden.

De oudste onbetwist als ‘haai’ geïdentificeerde schubben (dentikels) dateren van 420 miljoen jaar geleden en werden gevonden in wat nu Siberië heet. Ze werden toegeschreven aan de genus Elegestolepis, hoewel we niet hoe de rest van de haai eruit zag. De oudste fossiele haaientanden zijn 400 miljoen jaar oud, hebben twee uitsteekels en zijn maar 3-4 millimeter lang. Ze zijn van een haaiensoort die Leonodus genoemd wordt, mogelijk een zoetwaterhaai.
De oude haaien delen bepaalde structurele kenmerken met onze moderne haaien, zoals hun kaken, tanden die vervangen worden, tandachtige schubben (dentikels), gepaarde vinnen, inwendige bevruchting en een kaakbeenskelet. Toch waren er, zelfs in vroeger tijden, veel variaties op deze haaienkernmerken. Anders dan bij de huidige haaien waren de kaken voor en achter aan de hersenpan bevestigd, zodat de kaken niet zo ver konden worden uitgestoken als die van moderne haaien. De borstvinnen waren driehoekig en stijf, en dus niet erg beweeglijk en soepel. Ook het brein was kleiner, hetgeen aangeeft dat hun zintuigen minder scherp waren dan die nu zijn.

 

Reconstructie van Helicoprion door paleo-kunstenaar Christopher David Reyes

Honderden miljoenen jaren lang leefden de haaien in een snel veranderende omgeving met verschillen in zeewaterhoogte, zoutgehalte en stroming, waardoor soorten die deze veranderingen niet aankonden massaal uitstierven. Na elk van die perioden breidden de haaiensoorten zich uit om de ontstane niches in te nemen. De eerste grote uitbreiding vond plaats tijdens het Carboon, 360-286 miljoen jaar toen er 45 haaienfamilies bestonden (dat zijn er nu 40). De toen levende soorten zijn bekend om hun vreemde verschijning, waaronder de Helicoprion met een cirkel van tanden voorin de kaak. Ongeveer 250 miljoen jaar geleden was er gebeurtenis die de ‘Moeder van alle Massa-extincties’, die 99% van al het mariene leven deed verdwijnen. Een paar haaiensoorten bleven echter bestaan, en vormen de basis van wat uiteindelijk de hedendaagse haaien zouden worden. De twee grote verspreiding was er tijdens het Jura, 208 tot 144 miljoen jaar geleden, waarin de gemeenschappelijke voorouders van onze moderne haaien leefden. Aan het van het Krijt, 65 miljoen jaar geleden, liet een wereldwijde catastrofe de dynastie van de dinaosaurussen verdwijnen, samen met veel andere diersoorten, maar de haaien overleefden het weer.

 

 

Paleocarcharias stromeri

De neoselachii (nieuwe haaien) verspreidden zich snel, en sommige bloedlijnen leven nu nog, zoals de koeihaaien en de franjehaaien van de orde Hexanchiformes en Chlamydoselachiformes. De vroegste gevonden overblijfselen van koehaaien dateren al uit het Jura,  150 miljoen jaar geleden. De franjehaai is al ten minste zo oud als het Krijt, 95 miljoen jaar geleden. In die tijd verschenen ook de roggen en vleten, samen batoïden genoemd. Een van de recentere aanpassingen is die van de filterende haaien en roggen, die tijdens het Tertiair plaatsvond, 65 tot 35 miljoen jaar geleden. De Lamniformes (een groep waartoe de goblinhaai, zandtijger, voshaai, megamondhaai, reuzenhaai en grote witte haai behoren) vinden hun in gedeelde voorouder in het Jura, een tapijthaaiachtige haai Paleocarcharias stromeri die ongeveer 155 miljoen jaar leefde. De grote witte haai verscheen ongeveer 11 miljoen jaar geleden ten tonele

En geen zorg: de 15m meter lange, 52 ton wegende Megalodon is al sinds 1,6 miljoen jaar uitgestorven!

 

 

Comments are closed.

Contactinformatie

U kunt contact met ons opnemen op +31 (0) 6 12195593 Of per e-mail op: georgina@dutchsharksociety.org

Privacy Statement

Lees hier onze privacyverklaring hier

Partnerorganisatie

De Dutch Shark Society is er trots op een partner te zijn van verschillende organisaties. Lees meer op Check out our Mission pagina!
Show Buttons
Share On Facebook
Share On Twitter
Share On Pinterest
Contact us
Hide Buttons